18 Heb ik altijd een bodemattest nodig bij de verkoop van een eigendom ?

Wanneer is een bodemonderzoek noodzakelijk ?

Dit wordt bepaald in het Bodemdecreet.

Naar aanleiding van de verkoop van een eigendom in het Vlaams Gewest is de verkoper wettelijk verplicht om een bodemattest aan te vragen.

Het bodemattest bevat alle bekende gegevens over de bodemkwaliteit van de grond en wordt afgeleverd door OVAM. Het wordt opgemaakt per kadastraal perceel en kost 50 €.

OVAM zal het attest afleveren na raadpleging van de haar beschikbare informatiebronnen.
Meestal zal de notaris zelf het bodemattest opvragen in opdracht van de verkoper.
De verkoopovereenkomst moet melding maken van het bodemattest en zijn inhoud.
Wanneer op de verkochte eigendom een inrichting gevestigd is of was die vermeld staat op een lijst vastgelegd door de Vlaamse Regering (de zogenaamde risico-inrichtingen), dan zal de verkoper voorafgaand aan de verkoop een oriënterend bodemonderzoek op zijn kosten moeten laten verrichten.

Het bodemonderzoek gebeurt door een erkend bodemsaneringsdeskundige, die een aantal bodem- en grondwaterstalen neemt. De deskundige maakt zijn verslag over aan OVAM.
OVAM heeft dan 60 dagen de tijd om het dossier te beoordelen.
Als blijkt dat er geen bodemverontreiniging is of deze niet ernstig is, dan zal OVAM een gunstig bodemattest afleveren en kan de verkoop doorgaan.

Als blijkt dat de bodemverontreiniging ernstig is, zal de verkoper moeten overgaan tot een beschrijvend bodemonderzoek.
De bodemsaneringsdeskundige maakt opnieuw een verslag over aan OVAM, die 60 dagen de tijd heeft om het dossier te beoordelen.

Als blijkt dat geen saneringswerken nodig zijn, kan de verkoop doorgaan. In het andere geval kan OVAM de gepaste maatregelen bevelen vooraleer de overdracht kan plaatsvinden en zal een bodemsaneringsproject noodzakelijk zijn.

Vanaf 1 september 2013 kan OVAM particulieren, ondernemingen en openbare besturen een duwtje in de rug geven door een deel van de kosten voor de bodemsanering mee te financieren. Deze mogelijkheid geldt voor de huidige of voormalige eigenaars van een grond waarvan er sprake is van een historische verontreiniging. De eigenaar moet de grond voor 1 juni 2008 verworven hebben. De kosten voor de bodemsanering moeten effectief gedragen worden door de eigenaar.