Moet u een erfenis altijd aanvaarden?

Hoera, u erft van een verre oom! Of is dat toch niet zo’n goed nieuws? Want weet u wat oomlief de laatste jaren van zijn leven heeft uitgespookt? Wat als hij, naast zijn onuitgegeven memoires en wat aftands meubilair, alleen een hoop schulden nalaat?

De erfgenaam kan drie houdingen aannemen. Zodra u een keuze hebt gemaakt, is die in principe onherroepelijk.

De zuivere aanvaarding

Besluit u de nalatenschap zuiver te aanvaarden? Dan erft u volgens uw erfdeel de goederen van de overledene, maar ook diens schulden. Zijn de schulden groter dan de activa? Dan is de nalatenschap ‘deficitair’. De erfgenaam moet die met zijn eigen goederen en inkomsten aflossen. De erfgenaam die zuiver aanvaardt, riskeert dus in eigen zak te moeten tasten.
 

 

Voorbeeld

Een nalatenschap bestaat uit een actief van 30 en een schuld van 300. Er zijn drie erfgenamen: X, Y, Z, die ieder een derde erven. X erft maar 10 en moet 100 in de schuld bijdragen. De ‘ontbrekende’ 90 moet hij zelf betalen. De schuldeisers kunnen X niet voor de volle 300 aanspreken. Ze moeten de resterende 200 bij de andere erfgenamen zoeken.

De zuivere aanvaarding gaat niet gepaard met formalismen of plichtplegingen. U kunt uitdrukkelijk of stilzwijgend aanvaarden. Doet u dingen, waaruit blijkt dat u de hoedanigheid van ‘erfgenaam’ aanneemt, dan spreken we van stilzwijgende aanvaarding.

De aanvaarding onder voorrecht van boedelbeschrijving

Bent u niet zeker of de baten de schulden zullen overtreffen? Als u geen risico wil nemen, aanvaardt u de nalatenschap onder voorrecht van boedelbeschrijving. Dat wordt ook beneficiaire aanvaarding genoemd. U voorkomt dat u zelf de schulden van de overledene moet betalen. Het volstaat een verklaring af te leggen bij de notaris.

 

De verwerping

Is het voor u zo klaar als een klontje dat de baten van de erfenis niet volstaan om alle schulden te vereffenen? Dan verwerpt u best de nalatenschap. U legt bij de notaris een verklaring in die zin af.
Opgelet! Wie zich schuldig maakt aan verduistering van erfgoederen (heling), mag de nalatenschap niet meer verwerpen.

Haasje-over springen of een “generatiesprong” organiseren is een techniek van successieplanning die meer en meer wordt toegepast (zie meer hierover in Deel 2 van dit rubriek, “Fiscaal vriendelijk (st)erven”, over het zogenaamd “verdeel-en-heers-testament).  Anders dan via testament, ligt het initiatief hier bij de ervende ouders; de grootouders kunnen het zelf niet organiseren naar de kleinkinderen toe. Het komt er op neer dat wat de ouders erven van hun eigen ouders (de grootouders dus) wordt verworpen, waardoor het toekomt aan de kinderen van de ouders (de kleinkinderen dus). Noteer tevens dat het hier om een “alles-of-niets” gaat. Als de “tussengeneratie” de erfenis verwerpt, geldt dit noodzakelijk voor alle erfgoederen. Men kan m.a.w. niet selectief verwerpen en beslissen bepaalde goederen uit de erfenis op te nemen en andere meteen te laten doorgaan naar de volgende generatie.