Verschillende vormen van testamenten

Het notarieel (of openbaar) testament

Het notarieel of openbaar testament is een notariële akte, die verleden wordt voor twee notarissen of één notaris in aanwezigheid van twee getuigen.
De erflater dicteert zijn testament aan de notaris die er een akte van opmaakt.

Deze vorm is noodzakelijk voor personen die niet kunnen schrijven. Het is gebruikelijk dat de erflater bij het dicteren gebruik maakt van een nota die hij vooraf zelf, meestal in overleg met de notaris, heeft opgesteld. Deze vorm is dus zeer aanbevelenswaardig wanneer de testamentmaker onzeker is over de geldigheid van zijn schikkingen.
Sedert begin 2011 moet de notaris het gedicteerde gedeelte van het testament niet meer eigenhandig schrijven. Hij mag het sindsdien ook in getypte vorm op papier zetten.

Nadien wordt het testament door de notaris voorgelezen en door allen ondertekend.

 

Het internationaal testament

Dit wordt door de erflater aan de notaris aangeboden, die in tegenwoordigheid van twee getuigen er een verklaring over opmaakt.
De getuigen zijn absoluut noodzakelijk en kunnen niet vervangen worden door een tweede notaris.

Het internationaal testament moet schriftelijk opgesteld worden, maar moet niet noodzakelijk door de erflater zelf geschreven worden. Een familielid of vriend mag dit in zijn plaats doen.
De taal waarin het opgemaakt wordt speelt geen rol. Het mag worden getypt.

Het eigenhandig (of onderhands) testament

Zoals het woord zegt, wordt dit testament volledig van de eerste tot de laatste letter eigenhandig door de testamentmaker geschreven, gedateerd en ondertekend. Hier zijn geen getuigen bij nodig.
Essentieel is dat het door de testamentmaker zelf geschreven is. Laten schrijven of typen is uit den boze. Hoe of waarop het wordt geschreven is niet belangrijk. Alle voorwerpen zijn toegestaan: een blad papier, een omslag, een stuk hout...
Wel moet men er rekening mee houden dat het testament na overlijden aan een notaris zal aangeboden worden.
Het mag geschreven worden met een vulpen, potlood of stift.
Toevoegingen, woorden over andere heen geschreven en/of postscripta zijn toegelaten.
Natuurlijk is het beter een ordelijk en overzichtelijk werkstuk op te stellen. Eventueel schrijft men het eerste ontwerp volledig opnieuw.

Tweede vereiste is dat de erflater zijn testament dateert.
De datum is voldoende. Het uur kan nuttig zijn als er meerdere testamenten zouden bestaan. Aan de hand van de datum zal later nagegaan kunnen worden of de erflater op dat ogenblik bekwaam was om een testament te maken.
Wanneer er meer dan één testament is, zal er nagezien moeten worden welk het laatste is en of dit al dan niet vorige testamenten herroept of eenvoudigweg aanvult.

Tot slot moet het testament door de erflater zelf ondertekend worden.
De gebruikelijke manier van ondertekenen volstaat.
Bij voorkeur wordt er ook voor gezorgd dat tekst, datum en handtekening bij elkaar aansluiten.

De contractuele erfstelling

De testamenten moeten door elke erflater individueel opgemaakt worden.
De enige wettelijke uitzondering op deze regel vormt de contractuele erfstelling waarbij twee echtgenoten elkaar wederkerig het grootst beschikbaar gedeelte van hun nalatenschap vermaken voor het geval zij als eerste zouden overlijden.
Deze contractuele erfstelling kan ofwel in het huwelijkscontract opgenomen worden (en kan dan alleen herroepen worden in onderling akkoord) ofwel in een latere akte (en is dan eenzijdig herroepelijk).

Daar men geen aanvullende legaten kan inlassen of geen regelingen kan voorzien voor het geval men samen zou overlijden of voor het geval men de langstlevende is, is dit een minder en minder voorkomende vorm van testament.